Ga naar inhoud

Vermogensbelasting (box 3)

Heb je spaargeld, beleggingen of een tweede woning? Dan betaal je mogelijk vermogensbelasting in box 3. De Belastingdienst rekent met een fictief rendement op je vermogen, ongeacht wat je werkelijk hebt verdiend.

Hoeveel belasting je betaalt hangt af van het soort vermogen, de hoogte ervan en of je een fiscaal partner hebt. Met onze gratis rekentool bereken je het in 30 seconden.

Gecontroleerd mrt. 20268 min

Bereken je vermogensbelasting

Vul je spaargeld, beleggingen en schulden in en zie direct hoeveel belasting je betaalt.

  • Gratis en zonder account
  • Je gegevens worden niet bewaard
  • Klaar in 30 seconden
Start berekening

Belastingdienst-methode

We berekenen met dezelfde formule als de Belastingdienst

Privacy-first

Je gegevens worden niet bewaard of verstuurd

Direct resultaat

Klaar in 30 seconden, inclusief PDF-export

Wat is box 3?

Het Nederlandse belastingstelsel kent drie “boxen”. In box 1 betaal je belasting over je inkomen uit werk en woning. Box 2 gaat over aanmerkelijk belang (meer dan 5% aandelen in een BV). Box 3 gaat over je vermogen: spaargeld, beleggingen en andere bezittingen.

De Belastingdienst gaat ervan uit dat je een bepaald rendement behaalt op je vermogen, het zogenaamde forfaitair rendement. Over dit fictieve rendement betaal je 36% belasting. Het maakt niet uit of je werkelijk winst of verlies hebt gemaakt.

De drie vermogenscategorieën

Sinds 2023 verdeelt de Belastingdienst je vermogen in drie categorieën, elk met een eigen forfaitair rendementspercentage:

  1. Banktegoeden — spaarrekeningen, betaalrekeningen, deposito's en contant geld. Laagste rendement (1,37% in 2025).
  2. Overige beleggingen — aandelen, obligaties, beleggingsfondsen, crypto, tweede woning, verhuurde panden, vorderingen en kunst. Hoogste rendement (5,88% in 2025).
  3. Schulden — persoonlijke leningen, doorlopend krediet. Verlagen je belastbare grondslag (2,70% aftrek in 2025).

Daarnaast kennen groene beleggingen (groensparen, groenfondsen) een aparte vrijstelling. Het vrijgestelde deel telt niet mee in box 3. Het deel boven de vrijstelling wordt belast als overige beleggingen. Lees meer over de groene vrijstelling.

Hoe werkt de berekening?

1

Vermogen op 1 januari

Tel je spaargeld, beleggingen en schulden op peildatum 1 januari van het belastingjaar.

2

Forfaitair rendement

Per categorie berekent de Belastingdienst een fictief rendement. Spaargeld heeft een lager percentage dan beleggingen.

3

Vrijstelling aftrekken

Het heffingsvrij vermogen (€ 57.684 in 2025) wordt afgetrokken. Met een partner is dat het dubbele.

4

36% belasting

Over het resterende fictieve rendement betaal je 36% inkomstenbelasting.

Tarieven en vrijstellingen per jaar

De forfaitaire rendementspercentages en vrijstellingen verschillen per belastingjaar. Hieronder een overzicht:

JaarSpaargeldBeleggingenSchuldenVrijstelling
20241,44%6,04%2,61%€ 57.000
20251,37%5,88%2,70%€ 57.684
2026*1,28%6,00%2,70%€ 59.357

* Percentages 2026 voor spaargeld en schulden zijn voorlopig. Het tarief is elk jaar 36%.

Bereken je vermogensbelasting

Gratis en zonder accountJe gegevens worden niet bewaardKlaar in 30 seconden

Veelgestelde vragen over box 3

Wanneer betaal ik vermogensbelasting?

Je betaalt vermogensbelasting als je vermogen op 1 januari boven de vrijstelling uitkomt. In 2025 is die vrijstelling € 57.684 per persoon (€ 115.368 met een fiscaal partner). Vermogen daaronder is belastingvrij.

Telt mijn hypotheek mee als schuld in box 3?

Nee. De hypotheek op je eigen woning (hoofdverblijf) valt onder box 1, niet onder box 3. Alleen hypotheken op een tweede woning of beleggingspand tellen mee in box 3. Bekijk welke schulden meetellen.

Telt crypto mee voor box 3?

Ja. Cryptocurrency zoals bitcoin en ethereum valt onder “overige beleggingen” in box 3. Je geeft de waarde op peildatum 1 januari op. De Belastingdienst rekent met het forfaitaire rendement voor beleggingen (5,88% in 2025).

Wat is het verschil tussen forfaitair en werkelijk rendement?

Bij forfaitair rendement gaat de Belastingdienst uit van een fictief rendement per vermogenscategorie, ongeacht wat je werkelijk hebt verdiend. Vanaf 2028 is het de bedoeling dat je belasting betaalt over je werkelijke rendement. Tot die tijd geldt de Overbruggingswet met forfaitaire percentages. Lees meer over wat er gaat veranderen.

Telt mijn studieschuld mee in box 3?

Nee, sinds 2023 is de studieschuld bij DUO vrijgesteld in box 3. Je hoeft je studieschuld niet meer op te geven als schuld bij je belastingaangifte.

Kan ik box 3 verdelen met mijn partner?

Ja. Fiscale partners mogen het gezamenlijke vermogen in elke verhouding verdelen. Meestal levert een 50/50-verdeling het meeste voordeel op, omdat beide partners hun eigen vrijstelling benutten. Lees meer over verdelen met je partner.

Wat is de peildatum?

De peildatum is 1 januari van het belastingjaar. Al je bezittingen en schulden worden gemeten op dat moment. Doe je aangifte over 2025? Dan tel je je vermogen op 1 januari 2025.

Zijn groene beleggingen vrijgesteld?

Groene beleggingen (groensparen, groenfondsen) kennen een aparte vrijstelling in box 3. In 2025 is tot € 26.312 per persoon vrijgesteld, bovenop het reguliere heffingsvrij vermogen. Die vrijstelling wordt de komende jaren verder afgebouwd. Vraag je bank of het product kwalificeert.

Bronnen